Duurzame energiebronnen   


De meeste energie die we gebruiken komt van aardgas, steenkool en aardolie. Deze fossiele brandstoffen hebben als nadeel dat bij het gebruik van deze energiebronnen het gas CO2 (koolstofdioxide) ontstaat, wat bijdraagt aan de opwarming van de aarde. Daarnaast raken deze bronnen langzaam op. In de toekomst zullen wij steeds meer gebruik moeten maken van andere energiebronnen, die niet opraken en die niet vervuilen.

Op dit moment lijken restwarmte, warmte-koudeopslag, geothermie en biomassa de beste kanshebbers voor het zo snel mogelijk verlagen van de CO2-uitstoot.

Restwarmte

Bij de opwekking van elektriciteit en bij verschillende industriële processen ontstaat warmte die niet op locatie gebruikt kan worden. Deze restwarmte kan door een andere partij gebruikt worden als nuttige warmte, bijvoorbeeld voor het verwarmen van huizen, kassen of kantoren. Het benutten van restwarmte kan financieel interessant zijn en maakt de energieketen efficiënter en leidt daarmee tot CO2 reductie.
Elektriciteitscentrales, afvalverbrandingsinstallaties (AVI’s) en industrie zijn de belangrijkste leveranciers van restwarmte.
Als restwarmte collectief wordt ingezet is een warmtenet de manier om het te verspreiden. Afnemers van restwarmte zijn met name utiliteitsbouw, woningbouw en glastuinbouw.
Lees meer: Warmtenetwerken

Warmte Koude Opslag

Warmte-Koude Opslag (WKO) wordt gebruikt om gebouwen te verwarmen en te koelen.
Het is een breed begrip, waarbij verschillende vormen van ondergrondse energie-opwekking en energie-opslag worden aangeduid. In Nederland wordt WKO voornamelijk toegepast bij utiliteitsgebouwen, glastuinbouw, woningbouw en datacenters.

Grofweg bestaan twee typen WKO-systemen.
Bij een zogenaamd open systeem wordt warmte opgewekt en opslagen m.b.v. grondwater in de aarde. Er wordt grondwater opgepompt (onttrekkingsbron) en na uitwisseling van de thermische energie wordt het water weer geïnfiltreerd (infiltratiebron).
De tweede variant heet een gesloten systeem en dient puur ter opslag op warmte door de mens. Daarvoor wordt een vloeistof rondgepompt zonder in aanraking te komen met het grondwater. De opslag vindt plaats in een buizensysteem of buffer.
Open en gesloten systemen variëren in capaciteit en efficiency. In het algemeen worden open systemen ingezet voor grootschalige toepassingen en zijn (daarmee) wat efficiënter.
Lees meer:
Thermische energie opslag
Soorten geothermie

Geothermie

Geothermische energie of aardwarmte is warmte-energie gegenereerd en/of opgeslagen in de Aarde. Het ontstaat door de warmteuitstraling uit het binnenste van de aarde, het gevolg van natuurlijke nucleaire vervalprocessen in de kern. De aarde is daarmee een continue bron van warmte.
De natuurlijke warmtestroom van de aarde is voldoende om in de totale wereldvraag aan energie te voldoen. Als we een schil van de aardkorst nemen met een dikte van 6 km, bevat deze aan aardwarmte een equivalent van 50.000 x de totale aardgas- en aardolievoorraad ter wereld.
In gebieden met vulkanische activiteit komt die warmte zeer dicht onder de oppervlakte en wordt al honderd jaar gebruikt voor elektriciteitsproductie en warmtewinning. In Nederland wordt geothermie (aardwarmte) voornamelijk gebruikt voor ruimteverwarming in de glastuinbouw (90%) en om woonwijken te verwarmen.
Lees hier Waarom aardwarmte gebruiken in glastuinbouw?

Biomassa

In toenemende mate wordt biomassa ingezet voor de productie van hernieuwbare energie, in het bijzonder warmte. Deze toepassing wordt in belangrijke mate bevorderd met subsidieregelingen. Daarnaast zijn er steeds meer nieuwe toepassingen in de productie van bioplastics, in de cosmetische industrie enz.

Biomassa loopt uiteen van hout en hout/GFT- afval tot aan mest en dierlijke oliën en vetten. Voorbeelden: 
- Kap van hout uit productiebossen
- Resten van bomen die achterblijven na het kappen/uitdunnen van bossen
- Afval- en reststromen die vrijkomen na industriële verwerking, zoals houtzaagsel
- Teelt van gewassen als rietsuiker, mais, oliepalmen, koolzaad en grassen als miscanthu
- Residuen van gewassen zoals stro en stengels die niet geschikt zijn voor voedselproductie
- Afval- en reststromen die vrijkomen na industriële verwerking na gebruik of consumptie van landbouwproducten (zuiveringsslib, GFT-afval, dierlijke mest, textiel)

Biomassa inzetten voor de opwekking van warmte, eventueel in combinatie met of dankzij de opwek van elektriciteit, kan op de volgende manieren:
1. Directe verbranding van biomassa:
     a. Warmte-kracht-koppeling (WKK) voor de opwek van warmte en elektriciteit;
     b. Ketels voor warmte- en/of stoomproductie t.b.v. warmte en/of elektriciteit;
     c. Houtkachels;
     d. Afvalverbrandingsinstallatie (AVI) – verbranding van biogene fractie van de afvalstroom
2. Vergisting van biomassa met productie van biogas:
     a. WKK met opwek van warmte en elektriciteit;
     b. Als brandstof in ketels voor warmte- en/of stoomproductie;
     c. Opwaarderen naar groen gas voor verdere verspreiding;
3. Vergassing van biomassa met als brandbaar product syngas;
4. Brandstof (denk aan houtpellets) voor elektriciteitscentrales door bij- en meestook, waarbij grootschalig elektriciteit wordt geproduceerd en waarbij gestreefd wordt om de restwarmte te benutten.

Biomassa kent dus een grote diversiteit aan energietoepassingen, waar houtkachels, pelletketel-cv´s, houtpelletketels, mestvergisters en wkk-installaties op basis van bio-olie een paar voorbeelden van zijn.

(Tekst gebaseerd op Nationaal Warmtenet Trendrapport 2017) 

We have
what you need
to grow


ENERGIE TRANSITIE

Energietransitie is een beleidsplan van de overheid om van fossiele brandstoffen naar volledig duurzame energiebronnen over te stappen. Het aandeel conventionele energiebronnen, zoals kolencentrales, wordt steeds verder verkleind, en tegelijkertijd wordt er gewerkt om zo veel mogelijk energie te besparen.

Het uiteindelijke doel van Energietransitie is een geheel duurzame, betaalbare en betrouwbare  energievoorziening in 2050 in Nederland.


Ontwerp en realisatie: Interforce